Varroamijtziekte

 

Vier varroamijten op 1 honingbij

Oorzaken

Ontstaan van de varroamijt  
Varroamijtziekte vormt een wereldwijde bedreiging voor de bijenteelt. De verantwoordelijke voor deze gevaarlijke ziekte is de mijt Varroa destructor. Oorspronkelijk gebruikte de varroamijt uitsluitend de oosterse honingbij (Apis cerana) als gastheer zonder deze schade toe te brengen. In 1983 bereikte ze Nederland. Aangezien de Europese honingbij (Apis mellifera) helemaal geen afweermechanismen bezit tegen de varroamijt, kon deze laatste zich als een epidemie verspreiden onder de bijenkolonies.

Kort voor de afdekking van het broed, dringt de vrouwelijke mijt bij voorkeur binnen in de broedcel van het darrenbroed. Daarbij maakt ze gebruik van de langere ontwikkelingstijd van de darren, om zich in stilte te kunnen vermenigvuldigen Tijdens deze periode neemt de mijt hemolymfe op van de pop. Daarmee wordt haar eierstokactiviteit op gang gebracht en wordt de vermenigvuldiging gesynchroniseerd met de ontwikkelingscyclus van de bij. Achtereenvolgens ontstaan mannelijke en vrouwelijke mijten die zich in de broedcel vermeerderen. Met het uitkomen van de jonge bij, verlaten de vrouwelijke mijten de broedcel en tasten ze volwassen bijen alsook nieuwe broedcellen aan.

Ziekteverschijnselen

Zelfs één enkele mijt in de broedcel kan de uitkomende bij zodanig beschadigen, dat ze bepaalde taken niet meer correct kan uitvoeren. De aantasting door meerdere mijten leidt uiteindelijk tot misvorming of tot de dood. Varroamijten zijn ook overdragers van andere ziekten, het virus dat de vleugels van de honingbij vervormt.

Over het algemeen is de mijtaantasting in het voorjaar gering. Hij neemt duidelijk toe na de kweek van het darrenbroed in juni en juli en bereikt zijn hoogtepunt in de nazomer. Bij een voortdurend groeiende mijtenpopulatie bezwijken de bijenvolken na ongeveer twee tot drie jaar.

Diagnose

De varroamijt is zichtbaar met het blote oog op zowel volwassen bijen als op afgedekt broed. Een inschatting van de besmettingsgraad kan regelmatig door het tellen van de dode mijten op de bodem.

Geïntegreerde bestrijding

Een geïntegreerde bestrijding van de varroamijt berust op 4 pijlers:        
- goede imkerspraktijken: kennis over de varroamijtziekte, sterke kolonies
- biotechnologische methodes zoals het verwijderen van darrenbroed
- chemische bestrijding met mijtdodende middelen, zoals PolyVar Yellow
- monitoren van het aantal mijten (natuurlijk seizoensgebonden verloop, succes van de behandeling)